logo Raad voor Cultuur

Mediawijsheid
in perspectief

www.cultuur.nl contact colofon

Advies Mediawijsheid '05

3. Veranderde context, veranderde actoren

De hierboven beschreven ontwikkelingen op cultureel, technologisch en maatschappelijk gebied, oefenen niet alleen hun invloed uit op het decor maar ook op de spelers in die setting. Zowel de (massa)media, als het onderwijs, de cultuursector en de burgers worden er fundamenteel door veranderd. De belangrijkste consequenties hiervan worden hieronder geschetst.

De (massa)media
De eerder beschreven medialisering betreft niet alleen het veranderd belang van media in het algemeen maar ook de aard en werking van de afzonderlijke media. Media-organisaties zoeken een andere rol, zoeken andere allianties en bewegen zich over traditionele scheidslijnen van functies heen.19 Convergentie van mediatypen maakt zo dat media behalve producent ook steeds meer platform worden. Men zoekt bij de inhoud, of content, het meest geschikte mediatype; soms zijn dat er meerdere tegelijk. De combinatie van technische mogelijkheden en een veranderde opstelling (ten aanzien) van het publiek, maakt participatie van of interactie met dat publiek steeds eenvoudiger en steeds gebruikelijker (of het daarbij nu gaat om televisie, radio of de geschreven pers). Omdat zeker op het internet de scheidslijnen tussen producent en consument, of beter tussen productie, distributie en vertoning uiterst smal zijn, staat individuen bovendien weinig in de weg om hun eigen verhalen aan de wereld voor te leggen – zonder tussenkomst van omroepen of uitgevers.
Van de functies die media vervullen is informatievoorziening en opinievorming een van de belangrijkste.20 Het functioneren van de democratie wordt er mede door bepaald. De uitoefening van die (publieke) functie staat evenwel onder druk. Dat heeft onder meer te maken met de verdergaande commercialisering van de markt, en met verschuivingen binnen het journalistieke métier van de grote naar de kleine verhalen en van de analyse en de afstand naar de emotie en de menselijke maat.21 Door de informalisering of onthiërarchisering van maatschappelijke verhoudingen zijn de media bovendien een grotere machtsfactor dan voorheen. Dit is ten dele een autonoom en onomkeerbaar proces waarin alle betrokkenen een nieuwe rol moeten vinden. Een oplopende concurrentiestrijd tussen politiek en media is er echter het gevolg van.22 Door niet langer louter als gids te willen optreden maar zelf te willen deelnemen aan het maatschappelijk debat, zetten de journalistieke media ook hun eigen geloofwaardigheid op scherp. De achterdocht en scepsis waarmee de journalistiek de politiek ondervraagt, wordt nu ook op haarzelf toegepast.

Onderwijs
Kennissamenleving en kenniseconomie vragen om een nieuw begrip van wat kennis is en leren.23 Veel kennis veroudert snel. Om als burger en werknemer bij te blijven is ‘een leven lang leren’ dan ook geen luxe maar een vereiste.24 Dat ‘leven lang leren’ valt niet (louter) samen met formeel onderwijs. Scholen zijn in een vernieuwd concept van leren onderdeel van een keten; leren gebeurt niet alleen op school en niet alleen dankzij leraren. Vandaar dat van verschillende zijden wordt bepleit dat behalve formeel leren ook niet-formeel, of niet-schoolgebonden leren, en informeel leren wordt meegewogen en gestimuleerd.25 Erg snel voltrekken de voorgestelde vernieuwingen zich nog niet, al wordt in het formele onderwijs wel geëxperimenteerd met andere, vaak digitale leeromgevingen en komt in de relatie leraar-leerling de nadruk steeds vaker op de lerende te liggen (die meebepaalt wat het leerpad, het leertempo en de kenmerken van de leeromgeving zijn).26 

Culturele instellingen
Gezien de overdaad aan informatie en keuzemogelijkheden wordt de behoefte aan betekenisgeving steeds groter. Cultuur voorziet in die betekenisproductie - dat is haar essentie - en wordt daarmee tot een belangrijke spil in alle sectoren van de maatschappij waar informatie een grote rol speelt – niet alleen in de cultuursector zelf, maar evenzeer, om enkele voorbeelden te noemen, in de economie, de politiek of de zorgsector.
In zijn advies eCultuur: van i naar e uit 2003 heeft de Raad de invloed van de verschillende ontwikkelingen, in het bijzonder de digitalisering, op de cultuursector meer specifiek beschreven. Digitalisering drukt op verschillende wijzen haar stempel op het culturele veld: ze maakt het culturele instellingen of makers mogelijk dezelfde dingen te doen op een andere en meer efficiënte wijze (‘informatisering’), ze maakt nieuwe cultuurvormen mogelijk (‘culturele innovatie’) en ze geeft aanleiding tot een rolverandering van die instellingen of makers. Deze gedaantewisseling van culturele actoren hangt samen met het feit dat in de informatiesamenleving processen belangrijker zijn dan instituties. Waren culturele instellingen tot voor kort in de eerste plaats begin- of eindstation van culturele producten (makers, eigenaars, uitgevers of vertoners van afgeronde producten), als gevolg van de digitalisering komt hun (potentiële) betekenis meer en meer te liggen in hun functie als ‘tussenstation’, als bemiddelaar of intermediair. Instellingen leveren halffabrikaten, delen hun kennis en content met anderen, zowel binnen als buiten de culturele setting, en presenteren zich op andere podia.

Burgers
Zoals in de inleiding aangegeven, vraagt de toenemende complexiteit van de hedendaagse maatschappij om zelforganisatie van de burger; ook het overheidsbeleid dat de nadruk legt op de eigen verantwoordelijkheid van de burger, dwingt hem daartoe. Media maken het mogelijk die zelforganisatie een vorm te geven; dankzij media kunnen burgers, tenminste in principe, de greep op hun eigen leven en omgeving vergroten. Om geïnformeerd te zijn, zijn ze niet langer (louter) afhankelijk van gevestigde instituties en traditionele autoriteiten – ze kunnen hun eigen kennis bij elkaar zoeken en daar hun handelswijze op afstemmen. Bovendien kunnen ze die kennis gemakkelijker dan ooit met anderen delen. Dankzij de media kunnen burgers zo ook in politiek opzicht sneller en effectiever hun stem laten horen dan voorheen; media faciliteren op die manier de bloei van de civil society. Daarbij gaat het minder, tenminste in eerste instantie, om de grote beleidsdossiers dan om dat wat burgers in hun omgeving aantreffen en waarop ze willen reageren. Ook de wijze waarop ze dat doen past daarbij: meer inductief dan deductief.27 
Als zo vaak staan ook hier risico’s tegenover kansen. Dankzij de digitale media kunnen burgers zich gemakkelijker dan ooit informeren over wat voor hen van belang is, maar tegelijkertijd bieden diezelfde media hen de mogelijkheid zich te onttrekken

aan informatie die hen niet welgevallig is. Op dezelfde wijze kan de desinstitutionalisering, gecombineerd met de nadruk op de eigen verantwoordelijkheid van de burger, de vanzelfsprekendheid ondermijnen van democratische beginselen die te maken hebben met solidariteit en het voorkomen van maatschappelijke uitsluiting.28 Een door vrijwel iedereen gedeeld historisch en sociaal domein is niet langer vanzelfsprekend.

Conclusie
De veranderingsprocessen die hiervoor zijn beschreven geven de wereld een ander aanzien. Ze raken alle terreinen van het maatschappelijke en persoonlijke leven, beïnvloeden de democratie en geven de burger een andere plaats. Media spelen daarbij een cruciale rol. Als gezegd zou de overheid zonder internet nooit een beroep op de zelfredzaamheid van burgers kunnen doen, althans niet op de manier waarop zij dat nu doet. Dat beroep kan echter alleen effect sorteren als diezelfde burgers, in de woorden van de Raad, 'mediawijs' zijn. Met het SCP in Achter de schermen acht de Raad het van zeer groot belang dat ingezet wordt op het vergroten van de mediacompetentie, of liever: de mediawijsheid van burgers.
Alvorens daarop verder in te gaan, eerst een korte beschrijving van hetgeen er nu gebeurt op het gebied van media-educatie.


19     Dit geldt niet alleen voor contentproducerende media, maar ook voor faciliterende media-organisaties zoals hardwarebedrijven waaronder kabelaars, die behalve andere diensten – internet, telefonie- ook inhoud gaan aanbieden.

20     Zie Focus op functies (WRR) en De publieke omroep voorbij van de Raad voor Cultuur.

21     Vergelijk ‘Medialogica: Over het krachtenveld tussen burgers, media en politiek’ (Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling), ‘Macht of onmacht van de media? Enkele kanttekeningen bij een actueel debat’, in ‘De staat van de democratie. Democratie voorbij de staat’ (WRR), en Politiek en media, pleidooi voor een LAT-relatie (Raad voor Openbaar Bestuur).

22     Deze concurrentiestrijd wordt overigens ook door de politiek en de overheid gevoed, die zich steeds meer terugtrekken achter een ‘vestingmuur van voorlichters en communicatieadviseurs’ en zo het werk van journalisten bemoeilijken. Zie ook Claude-Jean Bertrand en Thijs Jansen, Volkskrant, 26 april 2005.

23     Zie de adviezen van de Onderwijsraad Webleren, Leren in een kennissamenleving en Leren in samenspel. Zie ook Kennis als water. 4 vragen over leven lang leren en wat huiswerk (Stichting Nederland Kennisland).

24     Kennis als water haalt de definitie aan van de Europese Commissie van een leven lang leren: ‘alle leeractiviteiten die gedurende het hele leven worden ontplooid om kennis, vaardigheden en competenties vanuit een persoonlijk, burgerlijk, sociaal en/of werkgelegenheidsperspectief te verbeteren.’ (p. 8) Een leven lang leren is een van de pijlers van de ‘Lissabon-agenda’.

25     Zie daarvoor genoemde adviezen van de Onderwijsraad. Hoe educatieve instellingen zich moeten verhouden tot kennis die mensen met elkaar opdoen in online forums, is nog onduidelijk.

26     De door de overheid beoogde verandering van de besturingsrelatie van het rijk met het onderwijsveld, waarbij de branche taken van het ministerie moet overnemen, maakt eveneens deel uit van de vernieuwing van het onderwijs.

27     In In het licht van de toekomst (SCP) wordt in dat kader gesproken over de ‘politieke knutselaar’, de ‘ondernemende doe-het-zelver’ (p. 197).

28    In Achter de schermen (SCP) wordt dat kenmerkend weergegeven in het credo van veel jongeren: ‘met mij gaat het goed, met de wereld gaat het slecht’. Het verschil in perceptie dat de uitspraak aangeeft, laat zien dat de waarde van solidariteit opnieuw uitgevonden moet worden.

 

Advies Mediawijsheid
High-tech beddengoed controleert hartpatiënt
Bedrijven infiltreren in online-netwerken
De digitale gezelligheid van Hyves
XXXIIDe krachtige partijen zitten in het maatschappelijke middenveld. De overheid moet deze partijen ruimte geven en ervoor zorgen dat zij onbelemmerd kunnen samenwerken.
IVIk zie FunX als een spreekbuis van de straat, wij vertalen op de radio wat de mensen op straat denken. Bij FunX is de hoofdredacteur de straat.
XXHet ontbreekt in Nederland aan een helder cultuurpolitiek antwoord op de vraag hoe om te gaan met nieuwe media.
Download de uitgave 'Mediawijsheid in Perspectief'  (PDF, 6.25 Mb)