Bald Sicking is secretaris van de afdeling brandweerzorg in Amsterdam. Daarnaast is Sicking officier van dienst, wat betekent dat hij bij grote incidenten de coördinator is. Op de dienst wordt door Sicking en zijn collega’s nog niet veel gebruik gemaakt van nieuwe media. Sicking merkt dat zijn collega’s vaak behoefte hebben aan persoonlijk contact, “mijn collega’s worden het liefst in het gezicht gekeken als er met ze wordt gecommuniceerd”. Toch zou er intern zeker beter gebruik gemaakt kunnen worden van nieuwe media, denkt Sicking. “In Amsterdam zijn veertien kazernes, en als er gecommuniceerd moet worden moet veertien keer hetzelfde worden verteld.”
Een veranderende omgeving
Zowel de oude als de nieuwe media hebben grote invloed op het werk van de brandweer. Zo wil de traditionele pers bij een incident altijd meteen weten wat de oorzaak is en hoeveel slachtoffers er zijn. Sickings eerste zorg is echter niet het acherhalen van de oorzaak, maar het redden van mensen. Ook de introductie van nieuwe media als internet en mobiele telefoons met camera hebben het brandweervak veranderd. “Burgers zijn steeds meer in staat om zelf media-inhouden te produceren en zo kan het voorkomen dat sommige informatie via de burger sneller te verkrijgen is dan via traditionele communicatiekanalen. Aan de ene kant lijkt dit een positieve ontwikkeling, de brandweer kan zo immers sneller aan informatie komen. Aan de andere kant kan het ook grote verwarring veroorzaken, omdat je niet weet van wie de informatie komt en of de informatie betrouwbaar is. Bovendien moet je als brandweer zo snel mogelijk handelen, en te veel informatie kan daarbij vertragend werken.”Voor de communicatie binnen de brandweerorganisatie zelf wordt nog niet erg veel gebruik gemaakt van nieuwe communicatietechnologieën, vertelt Sicking. “De betrouwbaarheid van het communicatiesysteem is van levensbelang voor de brandweer en vaak zijn nieuwe media minder betrouwbaar dan oudere communicatiesystemen. In plaats van de mobiele telefoon gebruiken we bij de brandweer de mobilofoon, omdat we daarvan weten dat die, in tegenstelling tot de mobiele telefoon, honderd procent betrouwbaar is. De brandweer treedt vaak op plekken op waar de reguliere systemen niet meer werken, en dat geldt dan ook voor de nieuwe ICT-middelen. Denk bijvoorbeeld aan de Millennium-bug. Iedereen was bang dat de technische systemen het jaar 2000 niet aan zouden kunnen en dat alles uit zou vallen. In zo’n scenario mogen wij als brandweer niet afhankelijk zijn van de technische systemen die dreigen uit te vallen. Wel denk ik dat nieuwe media behulpzaam kunnen zijn voor oefeningen. Ik verwacht heel veel van de ontwikkelingen op het vlak van de simulaties. Virtueel oefenen met meerdere disciplines is steeds beter mogelijk.” Voor instructie wordt overigens wel steeds meer gebruik gemaakt van beeldmateriaal dat afkomstig is van burgers. Veel films die voor de brandweeropleiding gebruikt worden komen van burgers.
Sicking ziet dat in de communicatie met de burger wel steeds meer nieuwe media worden ingezet. Zo worden doven in Rotterdam tegenwoordig per sms gewaarschuwd als het alarmsysteem afgaat. Ook het ministerie van Binnenlandse Zaken maakt steeds meer gebruik van nieuwe media om burgers voor te lichten bij rampen. “Het ministerie heeft een website opgestart waarop burgers ingelicht worden bij rampen. Ze hebben een methode gevonden om deze site hoog in de zoekmachines te laten terechtkomen, en daarnaast is de site gekoppeld aan populaire nieuwssites als bijvoorbeeld www.nu.nl. Zelf maken we ook steeds meer gebruik van internet om de burger voor te lichten. Op onze site staan diverse tips over hoe een brand kan worden voorkomen, maar ook als in een wijk een brand heeft gewoed, kan men op onze site terecht voor tips over nazorg.