Sinds september 2006 is in Pakhuis de Zwijger aan het Amsterdamse IJ de instelling Cultuurfabriek gevestigd, die zich richt op transformatieprocessen binnen organisaties. Directeur Egbert Fransen organiseert voor bedrijven en overheden, maar ook voor culturele en maatschappelijke instellingen, bijeenkomsten die tot doel hebben de communicatie binnen de organisatie te verbeteren. Tijdens deze bijeenkomsten staat de dialoog centraal: zowel directieleden als werknemers van een bedrijf komen aan het woord, als gelijkwaardige gesprekpartners.
Generatiekloof
Een van de grote problemen op het gebied van mediawijsheid is volgens Egbert Fransen het verschil tussen de generaties die wel en die welke niet met internet zijn opgegroeid. “De dynamiek op internet is fascinerend. Ik vind het ongelooflijk om te zien hoe grote groepen mensen zich op het internet bewegen en ook zelf voor inhoud zorgen. Het idee van user generated content spreekt mij enorm aan. Denk bijvoorbeeld aan een site als Wikipedia. Ook als je ziek bent kun je op internet terecht. Je hoeft maar een klacht op Google in te tikken en je wordt overladen met tips van mensen met dezelfde aandoening. Zij vertellen je wat je wel en niet moet doen, maar adviseren ook naar welke arts je het beste kunt gaan.” “De overheid, voegt Fransen toe, “begrijpt weinig van de dynamiek van internet en kan er daarom geen adequaat beleid voor ontwikkelen”.Openheid en transparantie
De bijeenkomsten van Cultuurfabriek hebben tot doel verschillende mensen bij elkaar te brengen rond een bepaald thema. Heterogeniteit acht Fransen van groot belang. “Als we een meeting met een bedrijf organiseren, doet niet alleen de directie mee, maar ook de man op de werkvloer. Vervolgens kijken we naar wat deze mensen bindt. Wij zijn altijd op zoek naar de een groep gemeenschappelijk heeft. Welke zaken zijn voor zowel de directeur als voor de gewone werknemer van belang? We geven de mensen de ruimte om naar elkaar te luisteren.”Cultuurfabriek probeert zo veel mogelijk gebruik te maken van nieuwe media. Deze worden onder andere ingezet om bezoekers van bijeenkomsten zichtbaar en traceerbaar te maken. “Elke deelnemer heeft zijn eigen barcode. Zo kan iedereen zien wie er aanwezig is. Ook hebben we gepersonifieerde stemkastjes ontwikkeld, zodat iedereen van elkaar kan zien wat hij stemt. Ik heb dit bewust gedaan, omdat ik openheid en transparantie belangrijk vind. Op een conferentie met Pink Roccade zijn we hierin nog verder gegaan. Iedere deelnemer werd daar getrackt, zodat precies te volgen was wat iemand op de conferentie deed, tot aan het aantal biertjes dat hij dronk toe. Op die manier proberen we gelijkwaardigheid te creëren: een directeur wordt net zo zichtbaar als de boekhouder of een projectmedewerker. Pas bij deze mate van transparantie is het mogelijk een eerlijke en open dialoog met elkaar aan te gaan.” Na afloop van een bijeenkomst kunnen de deelnemers via internet met elkaar in gesprek blijven. Ook organiseert Cultuurfabriek regelmatig vervolgbijeenkomsten.
Verhalen
“Mensen dragen ongelooflijk veel verhalen in zich, maar in het algemeen is daarvoor weinig ruimte”, stelt Fransen. Men neemt veel te weinig tijd om écht naar elkaar te luisteren.” De bijeenkomsten van Cultuurfabriek ontlenen juist hun waarde aan de ruimte die bezoekers krijgen om hun verhaal te vertellen. Dat levert mooie situaties op. “Een man uit het publiek werd eens gevraagd hoever zijn dromen verwijderd lagen van zijn dagelijkse werkelijkheid. De man bleek niet veeleisend of ambitieus en was eigenlijk heel tevreden met zijn leven. Droom en werkelijkheid bleken bij hem behoorlijk dicht bij elkaar te liggen. Toevallig zat ook zijn leidinggevende in de zaal. Die meende dat de man stil stond in zijn ontwikkeling en vond dat hij eens wat meer om zich heen zou moeten kijken. Het mooie van deze situatie was dat op een toevallige manier een open dialoog tussen werkgever en werknemer ontstond. Er wordt verder doorgevraagd dan tijdens werksituaties zou gebeuren, zodat er nieuwe dingen naar boven komen. De man kreeg eindelijk de kans uit te leggen dat hij heel tevreden was en dat hij op zijn huidige werkplek nog voldoende mogelijkheden zag zich verder te ontwikkelen.”Voor een zinvolle uitwisseling is het nodig dat je mensen aanspreekt op zaken die voor hen essentieel zijn, meent Fransen. “Vervolgens zorg je ervoor dat zij gehoord worden. Daarbij is wel enige regie nodig. Wij laten veel ruimte voor toeval, maar proberen het toeval ook richting te geven, zodat we betekenisvolle zaken uit de deelnemers halen.”