De grootste muziekcollectie van Europa is te vinden in de Centrale Discotheek van Rotterdam. Directeur Michiel Laan nam ruim zes jaar geleden het directeurschap over van diens voorganger Rob Maas, oprichter van de CDR in 1961. Laan studeerde rechten, en combineerde dit met zijn passie voor muziek door zich te specialiseren in het entertainmentrecht. Deze juridische achtergrond komt Laan nog regelmatig van pas, vooral wanneer het gaat om het inschatten van verschillende belangen die in de muziekindustrie spelen."Heel veel mensen willen muziek voor niks maken en zijn blij dat ze gehoord worden, dus muziek zal altijd gemaakt blijven worden. De principiële vraag is echter: is dat rechtvaardig? Hoort bij een gezond cultureel klimaat ook niet dat de makers en brengers van de muziek die wordt beluisterd ook worden beloond?"
Muziekweb
De belangrijkste functie van de Centrale Discotheek is altijd het uitlenen van cd’s geweest. Nu muziek steeds eenvoudiger van het internet gehaald kan worden, is het publieksbereik van de CDR enorm gegroeid. De manier waarop is echter sterk veranderd: er zijn steeds minder mensen die cd’s bij de discotheek lenen en steeds meer mensen die zich over muziek laten informeren via 'Muziekweb' (www.muziekweb.nl). Muziekweb is een internetsite die méér is dan alleen een uitleenpunt van muziek. “Met Muziekweb willen we in de eerste plaats een gids voor de mensen zijn. Wij proberen mensen te helpen hun muzieksmaak te ontwikkelen. Natuurlijk is muzieksmaak altijd subjectief, maar we proberen de lener op basis van objectieve en transparante criteria verder te helpen. Zo kun je redelijk objectief vaststellen tot welk genre bepaalde muziek behoort. Als mensen op zoek zijn naar een bepaald genre, kunnen ze bij ons de muziek vinden die onlangs in dat genre is uitgebracht. Daarnaast proberen we aan elke cd of artiest zoveel mogelijk objectieve informatie toe te voegen, zodat mensen op basis daarvan keuzes kunnen maken.”Naast de algemene informatie die op Muziekweb te vinden is, kunnen bezoekers ook zien hoe de muziek door vorige leners beoordeeld is. Ook kunnen mensen zich op basis van hun eigen voorkeuren laten adviseren over muziek die ze mogelijk zullen waarderen."Mensen kunnen bij ons hun muzikale voorkeuren opgeven, op basis waarvan wij suggesties doen voor muziek die ze waarschijnlijk óók zullen waarderen.” Op deze manier probeert de CDR mensen op een zo persoonlijke manier te helpen hun smaak te ontdekken en te verbreden. “We streven ernaar daarbij een zo breed mogelijk scala aan mensen te bereiken. Zowel de jongeren die naar FunX luisteren, als de mensen die naar radio 4 luisteren moeten bij ons terechtkunnen."
Downloaden
Het lijken zware tijden voor de muziekindustrie. Door het downloaden van illegaal aangeboden materiaal lijkt het voor platenmaatschappijen steeds moeilijker te worden om te overleven. Laan ziet dit echter anders. “Met sommige partijen binnen de muziekindustrie in Nederland gaat het inderdaad niet goed, maar het is te gemakkelijk om dit louter te wijten aan de opkomst van het downloaden via internet. Als je naar Engeland kijkt, zie je dat daar de verkoop van cd’s nauwelijks terugloopt en dat er tegelijkertijd veel meer legale downloads worden verkocht. Terwijl je daar toch ook muziek uit illegale bron kunt downloaden. Volgens mij heeft dat vooral te maken met de levendige muziekcultuur in Engeland. Als je door de straten van Londen loopt en ziet hoeveel muziekzaakjes daar zijn, merk je dat in Engeland veel meer een muziekklimaat heerst dan hier.”Overigens ziet de CDR het internet vooral als een kans, en niet als een bedreiging. Volgens Michiel Laan wordt - met het teruglopen van de fysieke uitleen - de (culturele) waarde van de catalogus steeds belangrijker. Door samenwerking met publieke omroepen en andere culturele instellingen wordt de zichtbaarheid en toegankelijkheid van de muziek enorm vergroot. De CDR biedt ook steeds meer muziek digitaal aan. Klanten kunnen muziek digitaal lenen in de vorm van digitale bestanden. Als je een bestand via dit systeem leent kun je het nummer of de cd gedurende een week beluisteren. “Aanvankelijk stonden een aantal mensen sceptisch tegenover het idee dat we hiermee in eerste instantie vooral klassieke muziek aanboden. Iedereen dacht namelijk dat de ouderen die naar klassieke muziek luisteren nooit via internet muziek zouden gaan lenen. Nu blijkt echter dat de meerderheid van de digitale leners ouder is dan vijftig jaar. Overigens bieden we nu ook pop, wereld- en jazz muziek digitaal te leen aan. Inmiddels hebben we meer dan een miljoen tracks digitaal uitgeleend.”
Kritisch vermogen van de burger
Laan ziet in het feit dat er veel meer informatie beschikbaar is dan voorheen, een van de belangrijkste voordelen van het internet. Hij denkt echter dat het van levensgroot belang is om de informatie op internet altijd kritisch te benaderen. Het grootste nadeel van internet is volgens Laan dat moeilijk is in te schatten of en welke informatie betrouwbaar is. "Je moet daar niet al te krampachtig over doen. Internet biedt fantastische mogelijkheden om informatie toegankelijk te maken voor de burger. Sommigen mensen in de bibliotheekwereld beschouwen het als een slechte zaak dat mensen minder boeken en kranten lezen en steeds meer hun heil zoeken op internet. Maar als ik ’s ochtends mijn laptop open klap en op internet het NRC Handelsblad lees, dan mag ik er toch vanuit gaan dat het betrouwbare informatie betreft, in ieder geval niet minder betrouwbaar dan de papieren versie van dezelfde krant?”Maar hoe wordt burgers dit kritisch vermogen bijgebracht? Laan is van mening dat de overheid hierin een sturende rol moet spelen, maar dan wel op afstand via bijvoorbeeld de publieke omroep of de bibliotheken. “De overheid mag van dat soort publieke instellingen best het een en ander verwachten. Ik denk dat bibliotheken wel degelijk een belangrijke rol kunnen spelen in het aanleren van kritische vaardigheden bij de burger, ze zouden bijvoorbeeld cursussen kunnen geven. Bibliotheken moeten gebruik maken van het feit dat de burger een groot vertrouwen heeft in hen. Via de zoekmachines en portals van bibliotheken moet men toegang kunnen krijgen tot een pluriform en kwalitatief hoogwaardig media-aanbod. Daarbij is het wel van groot belang dat de overheid de bibliotheken de middelen verschaft om deze gidsfunctie ook daadwerkelijk te kunnen vervullen.”
Daar moet nog wel wat in gebeuren, constateert Laan. “Toen ik net directeur van de CDR was geworden gonsde het in bibliotheekland dat een Amerikaanse actiegroep “Writers Against Piracy’ vond dat bibliotheken verboden moesten worden, omdat zij niet anders opereren dan Napster, het toenmalig illegale uitwisselsysteem van muziekbestanden. Met een beetje zoeken via Google werd echter al snel duidelijk dat die hele actiegroep een creatie was van een theatersportgroep, die het leuk vindt om straattheaterscènes te creëren en hiervan via internet verslag te doen. De actiegroep had dus nooit bestaan. Als bibliothecarissen al moeite hebben feit en fictie uit elkaar te halen, hebben we nog wel een weg te gaan in het mediawijs maken van de “gewone” burger in Nederland. Wat dat betreft denk ik dat het bewustzijn in de politiek nog voor verbetering vatbaar is. Gelukkig ziet minister Plasterk het belang hiervan ook in, getuige zijn visie in de notitie Kunst van Leven, hoofdlijnen cultuurbeleid. Voor het functioneren van een volwaardige democratische samenleving is het noodzakelijk dat je mensen de vaardigheid bijbrengt om kritisch naar de informatie op het web te kijken.”